Volgens Allianz Trade wordt 2026 het vijfde opeenvolgende jaar waarin het aantal bedrijfsfaillissementen wereldwijd toeneemt. De organisatie verwacht een stijging van ongeveer 6% in 2026, vooral als gevolg van hogere energieprijzen, duurdere transportkosten, verstoringen in toeleveringsketens en oplopende inflatie. Vooral Europa en Azië worden volgens Allianz Trade zwaar getroffen door hun afhankelijkheid van olie- en gasimporten uit het Midden-Oosten. In China blijft het aantal faillissementen sterk stijgen, terwijl ook in Europese landen zoals Duitsland, Frankrijk en België een verdere toename wordt verwacht. De Verenigde Staten zijn relatief beter beschermd, al neemt ook daar het aantal faillissementen nog toe. De zwaarst getroffen sectoren zijn energie-intensieve industrieën zoals transport, chemie, metaal, bouw en industrie. Daarnaast zorgen hogere financieringskosten en afnemend consumentenvertrouwen ervoor dat bedrijven investeringen uitstellen en consumenten minder besteden.
Banen onder druk
Allianz Trade waarschuwt dat wereldwijd circa 2,2 miljoen banen onder druk staan in 2026, waarvan ongeveer 1,3 miljoen in Europa. In een slechter scenario, bij een langduriger conflict, kan de stijging van faillissementen oplopen tot bijna 10%. Ook externe risico’s zoals een mogelijke terugval van de AI-sector en hoge overheidsschulden kunnen de economische situatie verder verslechteren.
Verstoring via Straat van Hormuz en scenario’s voor groei
Atradius richt zich vooral op de directe gevolgen van de crisis in de Golfregio, met name de onzekerheid rond de Straat van Hormuz, een cruciale route voor wereldwijde energiehandel. Door het wegblijven van scheepvaart ligt een belangrijk deel van de internationale olie- en gasstromen onder druk, wat direct leidt tot hogere energieprijzen en verstoringen in wereldwijde handelsketens. Atradius schetst twee scenario’s. In het basisscenario komt er een vredesakkoord en heropent de Straat van Hormuz, maar het herstel van de handel duurt maanden. In dit geval stabiliseren energieprijzen na een tijdelijke piek. In het negatieve scenario blijft de Straat zes maanden of langer gesloten en escaleert het conflict, met blijvende schade aan energieproductie en ernstige verstoringen in toeleveringsketens.
Kettingreactie
Volgens Atradius zorgen hogere energieprijzen in beide scenario’s voor een bredere economische kettingreactie. Olie en gas zijn niet alleen energiebronnen, maar ook belangrijke grondstoffen voor voedselproductie, chemie en kunststoffen. Daardoor stijgen ook voedselprijzen, wat leidt tot hogere inflatie. Consumenten besteden minder, bedrijven stellen investeringen uit en hogere rentevoeten versterken de economische vertraging. De impact verschilt per regio: het Midden-Oosten wordt het zwaarst getroffen, gevolgd door Azië-Pacific en Europa. De Verenigde Staten zijn relatief beter beschermd door hun eigen energievoorziening, maar blijven niet immuun voor de gevolgen. Atradius verwacht dat de wereldwijde industriële groei terugvalt van 3,5% in 2025 naar circa 2,5% in het basisscenario en ongeveer 1% in het negatieve scenario.
Kwetsbare wereldeconomie
Zowel Allianz Trade als Atradius schetsen een beeld van toenemende wereldwijde economische druk door de aanhoudende crisis in het Midden-Oosten. Waar Allianz Trade vooral de gevolgen voor faillissementen en werkgelegenheid benadrukt, beschrijft Atradius de verstoringen in energiehandel en de impact op industriële groei. Gezamenlijk wijzen beide analyses op een kwetsbare wereldeconomie waarin geopolitieke spanningen snel kunnen doorwerken in groei, inflatie en bedrijfscontinuïteit.